Koekoek in de schemering (Lennaert Nijgh)

Standaard

Niets is zo fijn als je klein bent
als ’s zomers logeren bij Oma en Opa
in het huis met de hoekjes vol donker.
Van Oma mag altijd van alles,
rommel maken mag, want Oma ruimt het wel op
en Opa is boven en speelt voornamelijk viool.
Niets is zo fijn als je klein bent.

Maar die droom werd een drama
en later een trauma,
dat kwam door de klok,
een verschrikkelijk grote koekoeksklok, een joekel,
waarvan ik eigenlijk een beetje schrok.

Die klok had gelopen sinds Oma en Opa hun trouwdag
en misschien was de koekoek een beetje moe,
het deurtje stond meestal al half open
en daarbinnen hoorde je alleen maar: Oeh…

Maar daarnaast zat nog een deurtje en Opa
zei dat daarachter een mannetje zat,
dat geregeld kwam kijken of je wel zoet was
en vooral zonder dreinen je spinazie at.

O waarom grote mensen nou eenmaal niet willen
snappen dat een kind van zoiets gaat gillen,
mannetjes bedenken die je beloeren
en stel je nou ’s voor dat ie z’n klok uit komt!

O! O! Verschrikkelijk!
O! O! Het ogenblik!
Opeens begon binnen van alles te lopen,
het deurtje ging driftig en rammelend open,
het was een griezelig grijs mannetje,
hij beefde van woede en ging woest heen en weer,
je kon duidelijk zien dat het leefde
en het speelwerk pingelde door het huis
en Oma begreep het niet,
    Oma begreep het niet,
    Oma begon opeens heel raar te zingen
    het was een afschuwelijk lied:

            O, was ik maar dood
            wie ik liefheb, die krijg ik toch nooit!
            O, wat een verdriet,
            Wie ik liefheb die krijg ik toch niet.

En boven speelde Opa
dwars door alles heen viool.
Ik vluchtte huilend naar de trap
en het deurtje van de klok ging dicht
met een akelige klap.

Het kwam volgens Oma
doordat ik zo zwak van gestel was,
voor mijn zenuwen had ze weeje thee gezet,
ik hoorde nachtenlang de koekoek
met een grafstem roepen
en ik plaste onophoudelijk in bed.

En natuurlijk kon ik niemand vertellen:
In de koekoek zit een kereltje dat alles ziet,
’n soort van Sinterklaas, want je moet voor ‘mm zingen,
liefst over doodgaan en verdriet.

O waarom grote mensen nou eenmaal niet willen
snappen dat een kind van zoiets gaat gillen,
wat moet een kind dat niet klokkijken kan daarmee aan?
Ze zeggen dat een klok wel eens kan slaan!
En dan zeker verwachten dat je voor een plas
je bed uitkomt!

Nu ik zoveel andere zomers gezien heb,
kom ik terug in het huis van mijn ouders,
de klok lijkt veel kleiner dan vroeger.

Ik laat het speelwerk lopen
en door de zomeravond
hoor ik de tonen tinkelend zweven
en even worden de jaren van glas
en zie ik de lijn die loopt tussen vroeger
en nu
en wat komen gaat.

        (…en Opa is boven
        en speelt voornamelijk viool…)

En in de stilte van de zomeravond
speelt Opa voornamelijk viool
en wat er ook gebeuren zal

Opa is boven
en speelt voornamelijk viool.

(Bron: Kinderen van één wereld/Van Holkema & Warendorf)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s