Maandelijks archief: november 2016

Pli-pla-plastic (Theo Olthuis)

Standaard

Ik heb een tante
en die is gek
op pli, op pla,
op plastic planten.
Haar hele huis staat vol;
geen plek is er onbezet.
Alle soorten, alle kleuren,
de mooiste bloemen
met spuitbus-geuren;
ze heeft, geloof ik, zelfs
een plant in bed!
Overal zie je glimmend groen
en reken maar
dat die planten het doen!
Want de hele dag
loopt m’n tante
met haar gietertje,
snoeit en besproeit
en geeft scheutjes
pli-pla-plastic water.
De één moet veel, de ander weinig;
alles weet ze, niets ontgaat ‘er!
Zijn er planten aan ’t verstoffen,
tante weet ze op te doffen!
Zijn er planten aan ’t verdorren,
tante weet ze op te porren!
O, wat heeft ze het toch druk
met al die namaakplanten.
Trouwens, ik bedenk me net…
’t Is ook geen echte tante!

(Bron: Ergens is een heel eind weg/Uitgeverij Ploegsma)

Latte (Leendert Witvliet)

Standaard

Latte, soms op bokkepoten,
met hoorns op de kop,
en vleugels van een vleermuis,
en soms is hij een Wolf of de Koorts,
het Druppen van een Kraan, een Gnoom
uit de Verzinselberg, het Donker,
de Kinderlokker of een Nare Droom.

Soms is Latte echt, dat is waar,
maar meestal hoort hij tot de spoken
die niet eens bestaan,
zo een die kluifjeszwammen eet,
zwarte, witte, echte kluifjes,
en smult van krabbescheer en kikkerbeet.

Wees dus voorzichtig, maar niet bang,
want Latte zet het op een lopen
voor ieder moedig kind,
dik of dun, kort of lang.
Voor helden is die nare Latte bang.

(Bron: MOMME-LA-ME-LOS/Querido)

De geur van tijd (Remco Ekkers)

Standaard

Tijd heeft een geur
ik heb hem zelf
geroken toen mijn vader
het liet zien
het oude kerkje
bij Wijns in Friesland.

‘Moet je eens kijken,’ zei hij.
‘Je ruikt hier een paar eeuwen.’
Ik keek, stak mijn neus
naar voren.

En tussen de muur en de deur
rook ik tijd
stof en verheven woorden
vreugde, oude kleren
tranen en hout.

(Bron: De geur van tijd/Leopold)

Winddicht (Kees Spiering)

Standaard

Wees maar niet bang
voor de wind, al kolkt hij vannacht
rond het huis. Zoekt hij
loeiend, razend, huilend
iets wat zich niet kan verschuilen,
wat hij brullend vast kan grijpen,
los kan rukken, weg kan smijten
om zijn gierende woede te koelen.

Wees maar niet bang
voor de wind, – hij zoekt deze nacht
niet naar jou. Of het zou
moeten zijn om te vertellen
dat op een dag – misschien al gauw –
zal komen waar je al zo lang op wacht.

Wees maar niet bang
voor de wind. Beluister
zijn ruisen. Misschien
vertelt hij vannacht…

(Bron: Een pijl door je maag/Bakermat uitgevers)

De kippen in het kippenhok (Toon Hermans)

Standaard

De kippen in het kippenhok
die zeggen als maar tok tok tok
en boven op het kippenhokkendak
zegt de regen als maar tikketakketak
en het slot op de deur zegt klik
en ik … wat zeg ik?
‘k heb aas en bees en oos en gees
en oes en efs en ellen
‘k heb kaas en pees en ies en ees
om alles te vertellen
‘k heb heel wat meer dan de regen en de kip
‘k heb woorden allerhande
en toch sta ik nog af en toe
met m’n mond vol tanden.

(Bron: Ritselman en andere liedjes/Fontein)