Maandelijks archief: juni 2012

Hier zit ik… (Hans Kuyper)

Standaard

Hier zit ik. Onder tafel,
want er is bezoek.
Het zijn die rare mensen
van verderop, ik ken ze.
Ze eten van mijn koek.

Hoor mama nou eens lachen,
hoog en hard en vals!
Ze krijgt ook van die gekke
enorme rode vlekken
rondom haar hele hals.

En papa zit te roken,
vieze sigaret!
Dat doet-ie voor de buurman,
daar krijgt-ie ook steeds vuur van.
Afschuwelijk, vind ik het.

Hier zit ik onder tafel.
Niemand heeft me door.
Hoe lang gaat dit nog duren?
Wat doe je tegen buren?
Zijn daar geen drankjes voor?

(Bron: Het poezenvarken/Amsterdam)

Advertenties

Een kind tekent (Koos Schuur)

Standaard

koe en paard kakelbont
en een huis van karton
en op de weg een hond
en in de lucht een zon

(het heeft de boom vergeten)

de zon is geel, de hond is bruin
de weg is wit – de witte weg –
en helemaal rondom te tuin
tot aan het huis een groene heg

(maar ’t heeft de boom vergeten)

het huis is rood, het dak is rood
en uit de schoorsteen komt wat rook
waar is de boom?
                              o sapperloot
nu is de boom er ook.

(Bron: Gedichten 1940-1960/Amsterdam)

Trots

Standaard

Eigenlijk ben ik best wel trots op de vermelding van ‘Snotneusjes’ op de site van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek.

Pieter van der Vorm besteedde in zijn blog aandacht aan ‘Snotneusjes’:

“Natuurlijk is lang niet ieder gedicht geschikt. Voor beginnende leerders zul je je doorgaans moeten beperken tot anekdotische poëzie met een relatief eenvoudige woordenschat. Het is een tip om hierbij ook eens te kijken naar poëzie voor kinderen of jongeren. Dergelijke gedichten hebben vaak een luchtige, grappige toon, en studenten hebben die humor soms al goed door! Er zijn verschillende bloemlezingen op de markt, die vaak prachtig zijn vormgegeven. Als je deze boeken niet in je bibliotheek hebt staan, zijn er ook allerlei sites te vinden met poëzie voor jongeren. Een tamelijk nieuwe (en erg mooie!) is: http://www.snotneusjes.wordpress.com/. Ter afsluiting een gedicht van Edward van de Vendel, dat te vinden is op deze laatste site:

Vis

Visje wil iets zeggen,
visje kijkt me aan.
Visje tuit zijn lippen,
maar ik kan hem
niet verstaan –
nooit en nergens kan ik horen
wat visje van me wil:
ik ben waterwoordendoof
visje mensenstemmenstil.

Pieter van der Vorm, Universität Wien

http://www.ivnnl.com/nieuws.php?c=20&id=419

Konijn (Pieter de Jong)

Standaard

Ik zing dit lied voor Henkie
want zo heette mijn konijn
dit liedje was er nooit geweest
als hij er nog zou zijn…

Hij had al een paar dagen
lang zijn eten laten staan
en toen ik thuiskwam was hij weg
dat heette “doodgegaan”

Er stond ineens een vogelkooi
zo’n ding met een parkiet
maar waar de echte Henkie was
dat wist die vogel niet

Konijnen kunnen luisteren
dan zitten ze heel stil
parkieten kunnen dat nog niet
en dat is het verschil

Mijn Henkie, mijn konijn is weg
misschien is hij verdwaald
of word je als je doodgaat
gewoon maar weggehaald?

Straks komt ‘ie op een drukke weg
of in een diepe sloot…

Maar ’s nachts doe ik mijn deur op slot
ik wil nog lang niet dood!

(bron: Anders dan je denkt/Miragram)

Zomeravondval en de intocht der kinderen (Paul Rodenko)

Standaard

Nu komt uit ieder oog een koekoek kijken
zwaluwen strooien pepernoten voor de bruid en
de minuscule koorddansers in blauwe tricots buigen
beleefd wanneer ze op hun spinnedraden
elkaar passeren
de burgemeester in zijn bokkewagen
komt met een hoed vol krekels thuis

en eensklaps zijn de straten oud van kinderen
papieren wimpels in hun hart
hun ogen zwitserse horloges
ze zwerven van alle vijf windstreken binnen
op lichte sandalen van zilvermos
en blazen een fleurige treurmars op
hun kleine trompetten van gentiaan
en stuk voor stuk gaan de vensters aan
in elk komt een ruitenvrouw te staan
een hartenheer of op zijn minst een klaver negen
(de astronomen namelijk zijn tegen)

En elk der kinderen brengt wat mee
een prins   een kippepoot   een schijfje zee
een olifantenmutsje van satijn
een spiegel met een ster erin   een tor   een rijm
een witte kui   een doekje voor het bloeden
een eivormig stuk melancholiet
een prent van Klee
een moedermoord op vrijersvoeten
een slachtoffer met vlijt gekeeld
een speeldoos die van welles-niets speelt

Maar daar komt Henk al met de maan
Jo draagt de schaatsen van de nacht
en helemaal achteraan
komt Hannes met een natte spons
en sponst het bord zorgvuldig zwart.

(bron: Orensnijder tulpensnijder/Amsterdam)

Zwanen (Armand van Assche)

Standaard

Zwanen zien er altijd zo nieuw uit
zo zondags, zo pas in bad geweest;
Maar spelen of spetteren in het water,
dat doen ze niet. Zwanen zijn niet vrolijk.

Zij willen ook altijd weg. Daarom wiegen zij
met hun lange hals als met een witte zakdoek
en zo droevig dat ze kijken.
Zwanen kunnen geen tranen laten.

Maar zwemmen, dat kunnen zij, statig drijven
altijd recht vooruit als witte bootjes
met onzichtbare roeispanen.

En opeens verandert alles van kleur
als zij hun vleugels openslaan
en zich languit rekken in de spiegel
van de vijver. Dan kraait het water
van plezier en klapt in zijn handen.

(bron: De zee is een orkest/Altiora)

Ik was veel kleiner…(Joke van Leeuwen)

Standaard

Ik was veel kleiner dan de stad
en schrok nog van bedelaars
waar altijd iets niet meer aan zat.
De winkels waren hemelhoog met
witte bergen onderbroeken, waarin
gegraaid werd van het zoeken tot
handen hadden. Ik vergat de weg
die ik niet had geleerd en
liep verkeerd. een vrouw gerimpeld
van bestaan, vroeg of ik met haar op
wou gaan, want anders viel zij om.
We liepen samen krom,
als een gezinnetje van zotten.
Zij wist de weg, ik droeg haar oude botten.

(bron: Cyclus Kind in Brussel uit Vier manieren om op iemand te wachten/Querido)

Vaders (Daniel Billiet)

Standaard

Gemaakt om heerlijk dichtbij te zitten
zwijgen. Ze kunnen stralen
als je iets fijns hebt gedaan.
Maar zichzelf in woorden vertalen,
lukt niet zo best.
Hebben ze slecht opgelet op school?

Vaders houden vast wedstrijden
met andere vaders: wie spreekt het minst
met kinderen? Mijn vader wint
altijd.

Als ik hem nu eens taalles geef?
Elke avond zegt hij me na:
was het leuk vandaag?
Gaan we zaterdag zwemmen?
Wanneer fietsen we weer samen?

Als hij dan goed studeert,
mag hij wat langer opblijven
met mij? Heerlijk dicht bij mij
samen zwijgen.

(Bron: Alleen aan zee is de kust veilig/Bakermat)